Samenwerking tussen coöperaties

Coöperaties rijzen momenteel als paddenstoelen uit de grond. Dorpscoöperaties, zorgcoöperaties, energiecoöperaties, noem maar op. Tussen de coöperaties is ook heel wat gaande. Ze zijn weliswaar opgericht om draagvlak en kleinschaligheid te waarborgen, maar ze weten ook dat ze in bepaalde gevallen samen meer werk kunnen verzetten.

Coöperatie

Een coöperatie is juridisch gezien (niet meer dan) een samenwerkingsverband van mensen of organisaties die (collectief) willen profiteren van hun samenwerking. We kennen de coöperaties misschien nog wel uit de bankenwereld, de agrarische sector (melkfabrieken, landbouwcoöperaties): opgericht om de leden van de gezamenlijke inspanning te laten profiteren. Een groep vrijwilligers vormt doorgaans het bestuur van een coöperatie, dat verantwoording is verschuldigd aan de leden.

Bij de huidige coöperaties is dat niet anders: LOPEC is opgericht om de ongeveer 150 leden te laten profiteren van de opbrengst van energieprojecten en -adviezen. Kleinere projecten als een zonnedak en een windmolen kunnen we als vrijwilligers uitstekend aan, zo is gebleken. Zeker met de hulp van de Groninger Energiekoepel. Maar nu de energietransitie een grote vlucht lijkt te nemen en we – gesteund door provincie en gemeente – de opbrengsten van de nieuwe energieprojecten zo veel mogelijk in eigen omgeving willen houden, wordt het langzaamaan een ander verhaal. Reden waarom de coöperaties de handen ineen slaan en zich beraden op intensievere samenwerking.

Oprichting Eemsdelta Energiek

De statuten voor de koepelcoöperatie “Eemsdelta Energiek” met zeven deelnemers (LOPEC, Middelstroom, Zonnedorpen, Eendracht Energie, Stec, Energiecoöperatie Borgsweer i.o. en Greenpower Delfzijl) liggen nu, juli 2021, bij de notaris voor commentaar. In die statuten krijgt de samenwerking gestalte die de zes energiecoöperaties en dorpsvereniging Borgsweer zijn aangegaan. Samen willen zij de energietransitie gestalte gegeven binnen de grenzen van de cultuur-historische waarden van ons woon- en leefgebied en een sterke gesprekspartner voor de gemeente vormen. De coöperaties streven naar behoud van opbrengsten van energieprojecten voor de eigen inwoners. Ze  hebben de handen ineen geslagen om samen met de bevolking ook naar projectontwikkelaars als een sterkte en deskundige gesprekspartner te kunnen optreden. Ook zal de coöperatie de mogelijkheden bekijken om eigen projecten in gang te zetten die de deskundigheid en kracht van de afzonderlijke organisaties te boven gaan. Uiteraard laten zij zich daarbij ondersteunen door externe deskundigen die vooral affiniteit hebben met de coöperatieve beweging. In dorpen waar nog geen coöperaties zijn gevestigd, wil Eemsdelta Energiek graag helpen bij het opzetten van nieuwe initiatieven. Gezamenlijk willen de coöperaties ook de deskundigheid onder de aangesloten leden verbeteren. LOPEC heeft van harte bijgedragen aan de totstandkoming van dit initiatief.

Voor het project bij Groningen Seaports werken de coöperaties (GreenPower Delfzijl, Eendracht Appingedam, LOPEC, Zonnedorpen Zijldijk/’t Zandt en Borgsweer i.o.) al nauw samen met de gezamenlijke ontwikkelingsmaatschappij Bronnen van Ons (BvO), een instelling voor energieprojectontwikkeling van alle coöperaties in Groningen Friesland en Drenthe samen.

Inmiddels hebben zich al weer enkele nieuwe projecten aangediend, die we niet anders dan gezamenlijk kunnen oppakken: Zonneweide Garreweer, molenrij Zonnedorpen, alternatieve bestemming NAM-locaties. Nader nieuws volgt.

Op 30 september hebben de gezamenlijke coöperaties als “Eemsdelta Energiek”  een bijeenkomst met het gemeentebestuur en ambtenaren afgesproken. Daar zal nadere afstemming van de wederzijdse inzet moeten plaatsvinden.

Grotere projecten

De versnelling in de energietransitie, de ontwikkeling van steeds grotere projecten en de eis van de overheid dat 50% van die projecten in handen van het gebied moet zijn, nopen de dorpsenergiecoöperaties om samen te werken. Zij willen daarom de komende tijd laten onderzoeken wat voor de samenwerking (en professionalisering) de beste oplossingen zijn. Want willen wij als coöperaties meebeslissen, dan zullen we moeten kunnen meedenken met en weerwoord moeten kunnen bieden aan goed ingevoerde deskundigen.

Twee zaken zijn voor ons daarbij van belang: draagvlak en geld. We willen de voeten in de lokale samenleving houden, maar ook de opbrengst van energieprojecten. Om dat draagvlak te behouden, blijven we kleinschalige coöperaties. Maar we willen ons ook samen sterk maken om de opbrengsten van grotere projecten in het gebied te houden.

Om die 50% van grotere projecten in te vullen bestaan er verschillende mogelijkheden:

  1. De eigenaren/ontwikkelaars kunnen een gebiedsfonds oprichten waarin een groot deel van de winst wordt gestort. Die winst moet dan weer terugvloeien naar bestemmingen die het gebied ten goede komen, te beslissen door de inwoners zelf. Iets wat hier en daar al gebeurt.
  2. Je kunt er ook voor kiezen dat de bestaande coöperaties meedenken en beslissen in nieuwe projecten en zorgen dat de opbrengsten goed worden besteed.
  3. Of: de coöperaties ontwikkelen pakketten aandelen of obligaties waarmee inwoners kunnen investeren in nieuwe projecten. Maar dan is de vraag: wie bereik je daarmee? Alleen de mensen in het gebied die een spaarpot hebben (en die kunnen dan rekenen op aantrekkelijke rentevergoeding).
  4. Een alternatief is dat de coöperaties zelf (gezamenlijk) investeren in nieuwe, grote projecten en ervoor zorgen dat hun leden een lagere prijs betalen voor hun energiebehoefte.

Feit blijft dat al die hardwerkende vrijwilligers van die energiecoöperaties langzamerhand niet of nauwelijks meer de tijd en de knowhow hebben en dus steeds vaker zijn aangewezen op (in te huren) externe deskundigen. BVO vormt voor de coöperatieve beweging in ieder geval zo’n ‘deskundige.’ Maar er zijn meer, waarop af en toe dankbaar beroep wordt gedaan.

e-Deelauto’s

De energiecoöperaties, de zorgcoöperaties en de dorpsverenigingen in de gemeente Loppersum hebben met het gemeentebestuur de handen ineen geslagen om samen het e-Deelautoproject voor het grondgebied van de huidige gemeente Loppersum uit te werken. Voor de komende 10 jaren is € 2 miljoen beschikbaar om alle inwoners eraan te laten wennen dat dit een prachtig alternatief is voor de eigen auto op fossiele brandstof. Zie daarover elders op de site.